Marieke van Wanroij

Foto: Team Jumbo-Visma Women

Toen wielerploeg Jumbo-Visma eind 2020 aankondigde dat er in 2021 een vrouwenwielrenploeg bij zou komen, was dat groots nieuws in de wielerwereld. Inmiddels zitten de eerste trainingskampen erop en wordt er gewerkt naar wedstrijdfitheid. Met Performance Coach Marieke van Wanroij spraken we over de stand van zaken, haar rol binnen de ploeg en vooral over presteren.

De aankondiging van jullie ploeg was groots en daarvoor was er veel aandacht. Hoe staat het er nu voor?

“Een paar weken geleden zijn we op trainingskamp geweest. Toen was er nog wel wat drukte qua interviews en dergelijke. Nu is het weer redelijk rustig. Natuurlijk zijn we allemaal heel erg benieuwd naar de eerste wedstrijden voor onze ploeg. Momenteel zijn we vooral druk met de laatste voorbereidingen.”

Je bent als Performance Coach actief binnen de ploeg, kun je die rol eens omschrijven?

“Eigenlijk monitor ik het hele proces rondom mentale en fysieke training, voeding, recovery, materiaal en teambuilding. We noemen het ook wel Head of Performance. Naast mijn eigen taken spar ik daarnaast ook veel met Merijn Zeeman, Mathieu Heijboer en de andere coaches van de mannenploeg in de zogeheten performance calls. Van hen kan ik veel leren op het gebied van performance.”

Toen je zelf aankondigde te stoppen met wielrennen heb je eerst nog een tijdje gecoacht. Ben je zo het vak ingerold?

“Toevallig had ik het daar nog over met Merijn tijdens het trainingskamp. Ik denk dat het bij mij al van kinds af aan in de genen zat. Ik was op de basisschool altijd al bezig met het teamproces, wilde iedereen erbij betrekken en was erg bezig met het zorgen voor anderen. Uiteindelijk heb ik gekozen voor een opleiding in de zorg en ben ik jarenlang sportpodotherapeut geweest. Door blessureleed ben ik uiteindelijk in het wielrennen en de topsport beland maar ook daar vooral in de rol als teamplayer waarin het proces van het team en de ander meer centraal stond dan mijn eigen sportprestaties.

Verder heb ik mij altijd geïnteresseerd in de psyche van de mens, belasting/ belastbaarheid en prestatiegedrag en mij daarin verder verdiept. Bovendien volgde ik van kinds af aan niet alleen de sporters, maar keek ik ook met veel interesse naar de coaches. Joop Alberda, Marc Lammers, Jaco Verhaeren, Gerard Kemkers, Jac Orie en vele anderen. Zij fascineerden mij toen al en ik kreeg daar energie van.”

Hoe zou je jezelf als coach omschrijven?

“Een coach die de mens achter de sporter vooropstelt waarbij groei en ontwikkeling centraal staan. Ik wil niet direct zeggen hoe iets moet, maar probeer echt het zelfsturende vermogen bij een sporter optimaal te stimuleren zodat ze daar zelf mee aan de slag gaan. Ik observeer en luister, stel veel vragen en ben nieuwsgierig naar de ander. Dat is ook wel iets wat ik door mijn werk in de zorg heb geleerd.

Ik wil niet direct zeggen hoe iets moet, maar probeer echt het zelfsturende vermogen bij een sporter optimaal te stimuleren zodat ze daar zelf mee aan de slag gaan.

Als de sporter of het team vervolgens in staat is om een stap te zetten en eigenaar te worden van het proces, dan kan ik daar enorm van genieten. Los van het resultaat wat daaraan gekoppeld is.”

Zijn dat dingen die je hebt gemist toen je zelf nog actief was als topsporter?

“Zeker. In die tijd werd er veel meer gefocust op techniek, de trainingen en het geven van instructies. Er was veel minder aandacht voor het proces: wat wil je als sporter, waar droom je van? Dat geeft veel meer richting in je plan van aanpak. Ik vind het fijn dat ik daarin een bijdrage kan leveren bij de huidige generatie sporters.”

Foto: Team Jumbo-Visma Women

In de introductievideo van de vrouwenploeg werd heel duidelijk benoemd dat Jumbo Visma met de komst van de vrouwen nu compleet is. Voelt dat ook zo?

“Zeker. Mijn wens en ambitie was altijd dat er een soort kruisbestuiving zou komen tussen het mannen- en vrouwenwielrennen en vooral ook tussen de coaches. Daar staan we nu en dat voelt als heel waardevol en leerzaam.”

Leg eens uit. Waarom vind je dat zo belangrijk?

“Vrouwen en mannen kijken beide op een bepaalde manier naar coaching. Het is mooi om elkaar daarin aan te kunnen vullen, om te kijken waar ieders kracht ligt. Wat mij betreft is het belangrijk dat er een gemixte setting is, dat er niet alleen maar mannen ergens werken.

Mijn wens en ambitie was altijd dat er een soort kruisbestuiving zou komen tussen het mannen- en vrouwenwielrennen en vooral ook tussen de coaches.

Natuurlijk is belangrijk dat de juiste persoon op de juiste functie zit, maar een mooie mix tussen mannen en vrouwen heeft wat mij betreft de voorkeur. Het feit dat wij een mannen- en vrouwenploeg hebben bij Jumbo-Visma is dan ook een goede move geweest, zeker voor het vrouwenwielrennen.”

Merk je dat ook al direct binnen jullie ploeg?

“De afgelopen periode ben ik altijd (digitaal) aanwezig geweest tijdens de performance calls van de mannen om daarin belangrijke zaken op te pakken en terug te koppelen naar het vrouwenteam. Je merkt dat zij op het gebied van training en voeding al een stuk verder zijn. Ook tijdens het trainingskamp hebben wij veel kunnen optrekken met de coaches van het mannenteam. Verder heb ik wekelijks contact met Merijn, hij heeft veel ervaring met het aansturen van teams en alles wat daaraan vooraf gaat. Wat dat betreft is er al direct een kruisbestuiving ontstaan en hebben wij als vrouwenteam enorme stappen gemaakt door op deze manier met elkaar samen te werken.“

Nu je het over stappen maken hebt, hoe ziet de wedstrijdkalender eruit?

“Onze eerste wedstrijd, de Ronde van Valencia, is geannuleerd. De Omloop Het Nieuwsblad is de eerste wedstrijd voor onze ploeg. Daar hopen we een goede basis neer te leggen voor de weken erna met de Ronde van Vlaanderen, de Amstel Gold Race en Luik-Bastenaken-Luik als hoofddoelen in het vooruitzicht.”

Hoe is jouw rol tijdens die wedstrijden?

“Bij de wedstrijden zal ik vooral op de achtergrond aanwezig zijn en is het aan de race coaches om de coachrol in de wedstrijd op zich te nemen. Tot nu toe verloopt alles goed en staat er een mooi team. Het is uiteindelijk belangrijk dat men elkaar niet alleen buiten de wedstrijd maar juist ook in de wedstrijd gaat vinden om tot mooie prestaties te komen.

Het is uiteindelijk het belangrijkste dat naast het team elke renster het beste uit zichzelf haalt en weer een stap zet in het proces beter te worden.

Natuurlijk helpt het niet mee dat er door corona wedstrijden uitvallen, maar ook daar werken we op mentaal gebied aan. Het is uiteindelijk het belangrijkste dat naast het team elke renster het beste uit zichzelf haalt en weer een stap zet in het proces beter te worden.”

In hoeverre helpt jouw eigen ervaring als toprenster je als coach?

“Ik merk wel dat het de dingen makkelijker maakt. Je hoeft niet altijd alles uit te leggen, hebt soms aan een paar woorden genoeg. Dat wil overigens niet zeggen dat je per definitie altijd topsport moet hebben gedaan, maar het kan zeker mee helpen.”

Naast je werkzaamheden bij Jumbo-Visma ben je ook actief als coach bij de Master in Coaching aan het Johan Cruyff Institute. In hoeverre helpen die ervaringen je in je rol bij Jumbo-Visma?

“Ik merk dat die combinatie eigenlijk heel erg fijn en verfrissend kan zijn. Op de een of andere manier haalt het je toch weer even uit je eigen (wielren)bubbel. Je komt weer even in andere takken van sport terecht en daardoor in aanraking met andere sporters of mensen uit het bedrijfsleven. Meestal staan zij een op een bepaald punt in hun carrière en zijn ze op zoek naar zichzelf en wat ze willen. Daarbij zijn ze geïnteresseerd in coaching.

Om anderen te kunnen coachen moet je eerst in staat zijn jezelf te coachen.

Met de sporters bij Jumbo-Visma ben ik heel erg procesgericht bezig in dienst van resultaatdoelstellingen, terwijl ik bij het Cruyff Institute weer even helemaal terug ga naar de basis. Er poppen dan andere vragen op. Daarin gaat het vooral over de zoektocht naar wie ben ik als mens. Want om anderen te kunnen coachen moet je eerst in staat zijn jezelf te coachen. Bovendien doe ik de eindgesprekken met de coachees samen met andere coaches, waarbij we weer veel van elkaar leren in de manier van coachen. Wat dat betreft is het zeker een aanvulling op mijn werk bij de wielerploeg.”