Carien Kleibeuker

Twintig jaar en bezeten van schaatsen was ze, toen Carien Kleibeuker (42) lid werd van de Oranjeselectie. Voor de vrouw van de lange afstand leek dat dé kans om nog beter te worden in dat wat ze het liefste deed. Met Olympisch brons (2014) en mondiaal zilver (2015) boekte ze echter pas in haar nadagen succes. Terugkijkend op haar carrière beseft Kleibeuker dat ze eerder haar eigen weg had moeten kiezen. 

“Ik was de enige die niet vanuit Jong Oranje doorstroomde, maar kwam uit Brabant. Daardoor was ik toch een beetje een vreemde eend in de bijt. Ook omdat ik het vooral moest hebben van de lange afstanden en moeite had met het allrounden. Destijds was het alleen nog helemaal niet gebruikelijk om je op een afstand te specialiseren. En dus draaide ik mee in het allround trainingsprogramma. Die manier van trainen bleek niet goed bij mij te passen. Iedereen boekte vooruitgang, maar mijn prestaties bleven achter en ik werd steeds ongelukkiger.”

De eenzame strijd als topsporter

Opgeven lag niet in de aard van Carien, en dus ploeterde ze maar door. “Niemand bood me andere opties, en zelf wist ik ook niet beter. Toch pakte ik een ticket voor de Olympische Spelen van Turijn (2006) en daar wilde ik zo hard mogelijk die 12,5 rondjes rijden. Hoewel ik er op voorbereid was dat het anders zou zijn, ging het in mijn hoofd toch niet goed. De stilte in het stadion, de sfeer… totaal niet wat ik gewend was van wereldbekers en andere toernooien. Ik werd er heel zenuwachtig van. Mijn tactiek, het wegwuiven en er een lolletje van maken, werkte niet.’’

Het vuurtje is nooit helemaal uitgegaan en de passie voor de sport verdween ook niet.

En zo kwam er een roemloos einde aan deel één van haar langebaancarrière. Dat er nog een deel zou komen, wist ze op dat moment nog niet. “Het vuurtje is nooit helemaal uitgegaan en de passie voor de sport verdween ook niet. Wel was ik helemaal klaar met de eenzame strijd die je als topsporter levert. Ik ging aan de slag als fysiotherapeut, trouwde, beviel van een dochter en rondde een masterstudie af. Dat waren drukke jaren en toen ik wat meer tijd voor mezelf kreeg, vulde ik die met schaatsen. Voor de lol, ik had geen ambitie anders dan mezelf willen verbeteren. Die mentaliteit zat er nog altijd in.”

Olympisch doel aan de horizon

En die mentaliteit bracht haar weer terug aan de nationale en later ook mondiale schaatstop. “Op basis van mijn trainingstijden had ik wel in de gaten dat ik om de prijzen kon meedoen. Dus besloot ik ervoor te gaan en mijn leven opnieuw te wijden aan de topsport. Jillert Anema was mijn trainer en hij leerde me grenzeloos denken. Je hebt geen enkele zekerheid over het bereiken van je doel aan de horizon. Waar je wel zekerheid over hebt, is het nu. Of en hoe je het doel bereikt, zie je vanzelf wel. Het leven vormt zich naar je keuzes en de horizon verlegt zich grenzeloos.”

Ik miste op een gegeven moment het niet meer altijd hoeven scoren.

Met een plek op het Olympisch én mondiale podium had Carien haar doel bereikt. De horizon richting de Spelen van 2018 verlegde zich echter niet, want ze greep naast een ticket. “Dat zette me aan het denken, ik wilde mijn hoofd weer aanzetten. Ik was Quality Manager bij Jamzone en had inmiddels ook een masterstudie afgerond. Omdat ik altijd al met één been in het andere leven stond, kon ik de topsport vrij makkelijk achter me laten. Maar ik miste wel op een gegeven moment het niet meer altijd hoeven scoren. Ik vond mezelf maar raar en ik had het gevoel dat ik zaken anders benaderde.’’

De waarde van topsport benutten

Bij De SportMaatschappij ontdekte Carien dat ze helemaal niet zo raar was. “Het was heel fijn om daar herkenning te vinden. Ik volgde het Krachtprogramma met allemaal gelijkgestemden, gestopte topsporters dus. We liepen allemaal tegen hetzelfde aan: wie ben ik nu ik geen topsporter meer ben? Ik heb in dat traject mijn eigen route gevonden en de waarden van de topsport leren benutten. Mijn CV heeft nu eenmaal een paar gaten in mijn werkjaren vanwege de topsport. En mensen vinden het nu eenmaal niet altijd leuk als je met je kop boven het maaiveld uitsteekt.”

Inmiddels heeft ze zichzelf opnieuw leren kennen. “Waar ik me in het verleden nog wel eens schaamde voor mijn topsportverleden, besef ik nu dat ik gevormd ben door alles wat ik heb gedaan en meegemaakt heb. Die medailles horen erbij, ze zeggen veel over mijn karakter en wat ik ervoor gedaan heb om ze te winnen. Het heeft geleid tot een nieuwe baan, want sinds begin dit jaar werk ik als Adviseur Zorg en Innovatie bij Ziekenhuis Tjongerschans. Dankzij De SportMaatschappij zijn mijn studie, werkervaring, levenservaring en topsportervaring dichter bij elkaar gebracht.”

De belangrijkste les is altijd bij willen leren en uit je comfort zone durven stappen op zoek naar nieuwe stress prikkels.

Carien noemt het de essentiële dingen die ze heeft geleerd over de overstap van het topsportbestaan naar het reguliere leven. “Ontzettend belangrijk ook voor jonge sporters om daar al bewust van te zijn. De afgelopen maanden heb ik ook als coach ervaring op mogen doen binnen het Krachtprogramma. Ik vind het heel tof om jonge sporters vanuit De SportMaatschappij te begeleiden en mijn ervaring met hen te delen. De belangrijkste les? Altijd bij willen leren en uit je comfort zone durven stappen op zoek naar nieuwe stress prikkels. Grenzen verleggen en nieuwsgierig blijven zijn voorwaarden om resultaat te boeken. Ook in het normale leven trouwens.”


Dit interview is samen met De SportMaatschappij tot stand gekomen. Op 26 april start er weer een nieuwe groep met het Krachtprogramma vanuit De SportMaatschappij. Wil je meer weten over dit programma? Kijk dan op https://www.desportmaatschappij.nl/krachtprogramma.