Mieke Cabout

Het was sporthistorie, toen de waterpolovrouwen in 2008 Olympisch goud pakten. Mieke Cabout schreef mee aan het succesverhaal, dat drie jaar eerder begon in de bossen van Zeist. “Daar hebben we uren met elkaar doorgebracht en waren we met niks anders bezig dan onze sport.”

Als de dag van gisteren herinnert Mieke zich nog die mooie periode in het prille begin van haar interlandcarrière. “Ik hoorde nog bij de jonkies in de ploeg, had een paar jaar eerder mijn debuut voor Oranje gemaakt. Toen we in 2006 de A-status kregen van het NOC*NSF, is eigenlijk het traject naar Peking begonnen. Het Olympische ticket pakten we al in 2007, dat nam een hoop stress weg waardoor we in alle rust naar het toernooi konden groeien. Die zekerheid was best uniek, want tot dat moment moesten we veel zelf investeren en opofferen.”

Olympisch goud als doel

Met een vader en opa die al bezeten waren van het spelletje, lag het voor de hand dat de vier zusjes Cabout ook in het water belandden. “Ballet en paardrijden heb ik nog wel even geprobeerd, maar waterpolo won het toch. Ik weet nog dat ik als kind gefascineerd was door de bronzen medaille die mijn opa won op de Olympische Spelen van 1948. Mijn ouders hebben ons eindeloos naar trainingen gereden, aangemoedigd tijdens wedstrijden en ook thuis ging het regelmatig over waterpolo. We hadden talent, werkten hard en zo ging het steeds een stapje verder.”

Ik weet nog dat ik als kind gefascineerd was door de bronzen medaille die mijn opa won op de Olympische Spelen van 1948

Die gouden plak ziet Mieke dan ook echt als een familieprestatie. “Als jong meisje droomde ik van een debuut in de dames 1, vervolgens werd ik een vaste waarde en kwam het Nederlands team in beeld. Het is niet perse dat ik topsporter wilde worden en toen ik het eenmaal was, combineerde ik dat gewoon met een studie. Wel heb ik altijd dat Olympisch goud als doel gehad, en samen met mijn zus Jantien hebben we daar ook alles voor gedaan en gelaten. Helaas heeft zij Peking niet gehaald maar het traject ernaartoe was wel heel mooi om samen te beleven.”

Harriët, een andere zus, kwam in beeld richting Londen, maar de titelverdediger haalde het Olympisch eindtoernooi niet. “Een enorme teleurstelling natuurlijk, dit hadden we nooit voor mogelijk gehouden. Waar het aan lag? Er zijn verschillende oorzaken: andere landen kopieerden onze aanpak richting Londen en dus waren we niet meer uniek, maar ook was er een ticket minder beschikbaar voor een Europees land en sowieso is de top in waterpolo ook mondiaal gezien smal. In 2008 waren we vijfde van Europa maar pakten we toch Olympisch goud, dat zegt genoeg.”

Focus op andere dingen

Het was ook na de gemiste Olympische Spelen van Londen dat Mieke voor het eerst twijfelde over haar topsportleven. “Zo werkt dat wel een beetje in onze sport, je denkt in Olympische cycli en doorgaan betekende nog weer vier jaar alles opzij voor dat ene doel. De teleurstelling na Londen was zo groot, dat ik niet wist of ik het kon en wilde opbrengen. Dus koos ik voor een sabbatical, even de focus op andere dingen zoals studie en werk. Dat ging op zich wel goed, maar ik had mentaal echt moeite om afscheid te nemen van de topsport. Ik wilde niet eindigen met een deceptie.”

Ik wilde niet eindigen met een deceptie

Het was het begin van een jarenlange zoektocht naar een nieuwe identiteit. “Dat had ik eerst niet zo bewust door, ik hield vast aan de levensstijl zoals ik die vanuit de topsport was gewend. In mijn werk kon dat ook makkelijk, want ik verbond me voor vijf jaar aan een onderzoek naar het verband tussen voeding en depressie. Dus weer een vooraf vastgelegde periode met duidelijke doelstellingen. Inhoudelijk heel interessant maar ik miste steeds vaker voldoening en adrenaline. Vooral in het begin vond ik het lastig om tijd voor mezelf te nemen, want wat moest ik met een vrije dag?”

Weggerend voor het zwarte gat

Eind 2018 kwam de stoomlocomotief eindelijk tot stilstand. Het onderzoek was afgerond en Mieke verwachtte haar tweede kindje. “Door gezondheidsklachten werd ik tijdelijk gedwongen om niets te doen. Voor het eerst nam ik de ruimte voor mezelf en besefte ik dat ik al die jaren misschien toch wel was weggerend voor het bekende zwarte gat. Ik wist dat ik de trainingsarbeid dag in dag uit niet meer kon en wilde opbrengen, maar ik voelde me ook bijna minderwaardig. Het klinkt misschien gek, maar ik had mezelf toch een soort van op een voetstuk geplaatst.”

De timing van Sylvia Karres om Mieke te benaderen voor deelname aan een traject van De SportMaatschappij, kon niet beter. “In de jaren ervoor had ik hard gewerkt om die vertaalslag van topsporter naar de normale wereld te maken. Topsport zat er niet meer in, ook mijn lijf kon dat niet meer aan en dat accepteerde ik steeds beter. Tegelijkertijd leerde ik ook genieten van mijn nieuwe leven. Dat heb ik in m’n topsportjaren veel te weinig gedaan, dat vind ik achteraf erg jammer. Want het proces was ondanks de soms teleurstellende prestaties heel mooi en bijzonder.”

Drijfveren en competenties

In het najaar van 2019 startte het avontuur bij De SportMaatschappij. “Het was een fantastische ervaring om met (ex)topsporters onder elkaar dit traject te doorlopen. We hadden allemaal dezelfde worsteling, voelden ons anders ten opzichte van de normale wereld maar in de groep waren we allemaal gelijk. Het heeft me niet alleen een verbeterd zelfbeeld gegeven, maar ook nieuwe inzichten over mijn drijfveren en competenties. Na die drie maanden durfde ik eindelijk een punt te zetten achter mijn topsportbestaan en ontdekte ik waar ik als mens echt voldoening uit haalde.”

Het was een fantastische ervaring om met (ex)topsporters onder elkaar dit traject te doorlopen

En zo kon Mieke al haar topsportjaren een plekje geven en zichzelf op een hernieuwde manier positioneren. “Nog tijdens het traject kwam mijn huidige baan als coördinator Healthy University bij de Universiteit Leiden en het LUMC op mijn pad. Veel mensgerichter en dynamischer dan de jaren dat ik onderzoek deed. Zonder De SportMaatschappij had ik misschien wel nooit voor deze baan durven gaan. Overigens lig ik ook nog steeds in het bad hoor, samen met m’n zussen speel ik bij Z&PC de Gouwe. Zolang het kan, blijven we dat doen.”

En ook in de topsport zijn er voor Mieke genoeg mogelijkheden om betrokken te blijven. “Al sinds 2013 ben ik lid van de Atletencommissie van NOC*NSF. Met mijn eigen ervaringen helder op het netvlies zet ik me nu vooral in voor integriteit in de sport en het mentale welzijn van topsporters. Ik ga met sporters in gesprek, haal hun vragen op en draag op die manier mijn steentje bij. Zelf had ik die ondersteuning in 2012 misschien ook wel nadrukkelijker willen hebben. Maar aan de andere kant: ik ben heel blij en trots op wat ik uit mezelf heb gehaald als topsporter én als mens.”


Dit interview is samen met De SportMaatschappij tot stand gekomen. Kijk voor meer informatie over De SportMaatschappij op www.desportmaatschappij.nl/.