Astrid Wisman

Wedstrijden in een leeg en sfeerloos stadion op een mooie manier in beeld brengen. Creatief met camera’s spelen en bovenal een ‘plaatjesboek’ afleveren voor de commentator én kijker: NOS-regisseur Astrid Wisman is er tijdens (grote) toernooien keer op keer druk mee. Vol passie vertelt ze over haar werk en het jaar 2020.

De sportwedstrijden waren het afgelopen jaar anders dan anders. In hoeverre is jouw werk als regisseur veranderd in 2020?

“Veel is er niet veranderd: het regisseren van een wedstrijd blijft hetzelfde. Natuurlijk houden we ons aan de maatregelen: we werken coronaproof, zitten met mondkapjes op in de regiewagen en hebben spatschermen in de studio.

De grootste verandering had vooral te maken met het feit dat er geen publiek aanwezig is tijdens de wedstrijden. Normaal schakelen we veel naar mensen op de tribunes, maar nu moesten we andere shots proberen te vinden. Zo werkten we bijvoorbeeld meer met slomo’s. Of, zoals tijdens de wedstrijden in Thialf, met shots van de banners van die daar op de tribunes stonden. Ik tel mijn zegeningen dat we in deze gekke tijd toch nog mooie dingen kunnen maken met zijn allen.”

Vond je het lastig om die andere shots te vinden?

“Ik moest er vooral erg aan wennen. Maar het is ook heel leuk om na te denken over de manier waarop je alle shots die je wilt hebben gaat vangen.

Ik ben altijd op zoek naar het verhaal. Naar de vreugde, maar ook het verdriet

Het fanatieke publiek bij een sportwedstrijd geeft altijd een extra dimensie. Nu zijn zij er niet en is het stil in een stadion. Bij een schaatstoernooi hoor je alleen de schaatsgeluiden en de commentatoren. Juist de audio zorgt ervoor dat de beelden sterker worden. Als je mooie beelden met goed commentaar kunt koppelen, dan is dat echt een soort bonus. Daar doe je het voor.”

Zijn er nog extra ‘tools’ die jullie hebben gebruikt tijdens de coronaperiode?

“Bij het schaatsen werken we eigenlijk nog steeds met hetzelfde aantal camera’s. Wel hebben we bijvoorbeeld een robotwagentje toegevoegd, die op afstand bestuurbaar is. Daar kun je de schaatsers mee volgen op het middenterrein of interviews mee doen. Ook hebben we een camera in de tunnel staan, die de schaatsers volgt bij het ophalen van de transponders.

De NOS-studio staat normaalgesproken op het middenterrein, dat gaat nu niet. Er is boven in Thialf een groter platform gebouwd waarbij we rekening kunnen met de corona-maatregelen. Het zijn allemaal kleine aanpassingen die uiteindelijk moeten leiden tot de mooiste beelden.

Tijdens het EK in januari gaan we ook nog met een flyline werken die shots maakt van bovenaf. ”

Wat maakt jouw vak zo mooi?

“Het is vooral heel leuk dat je nooit precies weet wie er wint. Natuurlijk heb je vooraf je verwachtingen als je aan een toernooi begint. Maar een torenhoge favoriet kan toch opeens niet lekker in zijn vel zitten of een slippertje in de bocht maken. De botsing van Kjeld Nuis en Ronald Mulder laatst was iets waar ze het allebei van tevoren nog over hadden gehad. Zo van: ‘als het maar goed komt met die kruising’.

Als het dan tóch misgaat denk je wel even ‘mijn hemel, wat nu?’. Voor hen is zoiets natuurlijk heel zuur, maar voor ons in de regiewagen is zoiets ook weer heel spannend en mooi. Elk moment kan er iets gebeuren wat je niet had verwacht.”

Foto: NOS/Stefan Heijendaal (2018)

Hoe zorg je dat je rustig blijft op dat soort onverwachte momenten?

“Ik denk dat dat misschien wel iets is wat in me zit. Ik ben heel enthousiast aangelegd, maar kan als er iets gebeurt ook heel rustig blijven en snel denken. Ik ben altijd op zoek naar het verhaal. Naar de vreugde, maar ook het verdriet. Als het ertoe doet ben ik heel scherp, breek ik niet gauw in paniek uit. In de regiekamer ben ik altijd op de toppen van mijn kunnen bezig.”

Is het bewaren van de rust in de loop der jaren gegroeid?

“Naarmate ik meer ervaring kreeg kon ik wel steeds relaxter met dingen omgaan. Tussendoor probeer ik de touwtjes ook even te laten vieren. Vroeger, toen ik net begon met het regie-werk, kon ik me soms best heel druk maken om een simpel klusje. ‘Als dat maar goed komt’, dacht ik dan. Maar nu vertrouw ik op mezelf. Ik heb het onder controle.”

Is er een sport die jou het meest ligt als het gaat om regisseren?

“Eigenlijk vind ik ontzettend veel sporten leuk. Van basketbal tot hockey en van tennis tot de paardensport. Maar bij het schaatsen ligt wel echt mijn hart. Zelf heb ik vroeger ook veel geschaatst. Ik kom uit Friesland, dus het is me met de paplepel ingegoten, haha.

In de regiekamer ben ik altijd op de toppen van mijn kunnen bezig

Wat ik naast de sport ook heel leuk vind zijn uitzendingen met muziek en artiesten. Zoals bijvoorbeeld het Sportgala of het programma Vuur van de Vrijheid op 4 mei. Maar ook van programma’s als Nieuwsuur kan ik genieten.”

Hoe bereid je je eigenlijk voor op de wedstrijden die je regisseert?

“In aanloop naar een toernooi verdiep ik me enorm in alle regels, de kanshebbers. Ik weet wie de belangrijke namen zijn. Het schaatsen volg ik natuurlijk al jaren, daarin gaat dat eigenlijk een beetje vanzelf. We hebben ook diverse app-groepjes waarin ik op de hoogte word gehouden van het laatste nieuws. Als ik naar een sport ga waar ik minder van weet, dan lees ik me vooraf heel goed in.

Tijdens de Olympische Spelen van 2012 zat ik bijvoorbeeld bij het snelwandelen. In Nederland ben ik van tevoren naar een snelwandelclub gegaan, heb ik experts gesproken en ben ik op Papendal geweest. Ik wilde echt weten waar ik op moest letten, wat belangrijk was. Met al die informatie probeer je vervolgens de sport zo goed mogelijk in beeld te brengen.” 

Foto: NOS/Stefan Heijendaal (2018)

Je vertelde eerder al dat je echt een verhaal wilt vertellen met de beelden, hoe doe je dat?

“Ik probeer altijd een logische volgorde te maken qua shots. Wat dat betreft wil ik altijd een soort ‘plaatjesboek’ voor de commentator maken. Ik geef niet zomaar een shotje, maar probeer er meerdere achter elkaar te zetten zodat hij het verhaal erbij kan vertellen.”

Kijk je wedstrijden die je geregisseerd hebt weleens terug?

 “Als ik eerlijk ben, kijk ik weinig terug. Behalve grote live programma’s. Maar als ‘mijn’ geregisseerde sportbeelden worden getoond in bijvoorbeeld een jaaroverzicht of andere programma’s, dan is dat natuurlijk extra leuk om te zien. Als mensen erover praten, dan maakt me dat wel trots.”

Zijn er beelden waar je achteraf gezien heel tevreden over bent als je eraan terugdenkt?

“De beelden van de verkeerde wissel van Sven Kramer zullen me altijd bij blijven. Dat beeld van een ontredderde Gerard Kemkers en Sven die zijn bril weggooit als hij over de streep komt.

Als ‘mijn’ geregisseerde sportbeelden worden getoond in bijvoorbeeld een jaaroverzicht of andere programma’s is dat natuurlijk extra leuk om te zien

Of Anni Friesinger op de ploegenachtervolging in 2010, met die buikschuiver op het ijs. Je zag haar vallen en met haar vuisten op het ijs slaan. Ze dacht dat Duitsland de finale zou missen. Maar ondertussen zag ik op het scorebord dat ze het tóch gehaald hadden. Op zo’n moment kun je wegschakelen naar de uitslagen op het bord, maar eigenlijk moet je even bij dat beeld blijven. Dan zie je eerst die boosheid en later pakten ze in de finale toch nog goud. Dat is mooi.

Beelden: NOS

Soms moet je het lef hebben om een shot langer te laten staan. Voor je gevoel duurt het op zo’n moment net iets te lang, maar achteraf denk je: ‘dit was wel het shot’. Dat zijn mooie momenten waar ik graag aan terugdenk. Daar doe je het voor.”


Foto´s en beelden zijn voor de Coronacrisis gemaakt.