Eva van der Zanden – van Groningen

Sport loopt als een rode draad door het leven van Eva van der Zanden – van Groningen, zowel privé als zakelijk. Als Manager Partnerships & Events van Right To Play – een internationale organisatie die spelen inzet om het leven van kinderen te verbeteren – staan sport en spelen dagelijks centraal in haar werkzaamheden. Daarnaast is ze wekelijks te vinden op het voetbalveld voor een les Voetbal Fit, dat ze zelf bedacht en verder uit wil rollen op de Nederlandse velden.  

We kunnen er niet omheen dit jaar, de impact van het coronavirus. Wat zijn voor jou de grootste veranderingen in je werk?

Het volledig thuiswerken is een van de grootste aanpassingen. We waren al wel gewend om één dag per week thuis te werken, maar als je dan ineens fulltime thuis zit – samen met je man en kind omdat ook de opvang dicht gaat – dan is dat wel even schakelen. Inmiddels zijn we maanden verder en hebben we daar onze draai wel in gevonden, maar je mist ook je collega’s en het contact met je partners natuurlijk.

Bovendien ben ik bij Right To Play werkzaam als manager van events, dus je kunt je voorstellen dat mijn werkagenda er heel anders uit kwam te zien.

Wat stond er voor 2020 op je agenda?

We organiseren in een Olympisch jaar altijd het Right To Play Gala. Op die avond eren we de Olympische sporters en werven we fondsen. Dat is een groot evenement, net als bijvoorbeeld de Right To Play Golf Cup en the Ultimate Sports Quiz. Eigenlijk is alleen de Dam tot Dam loop doorgegaan in een aangepaste home edition. Dat was nog een soort van lichtpuntje, we hebben er nog een mooi bedrag mee opgehaald. 



Schuift ook bij jullie nu alles op naar volgend jaar?

Jazeker, het is onze intentie om deze evenementen in 2021 te organiseren. Maar ook wij kunnen natuurlijk niet in de toekomst kijken, het is nog steeds afwachten wat de mogelijkheden gaan zijn volgend jaar. Anders ben ik ervan overtuigd dat we wat gaafs verzinnen dat wel kan volgens de richtlijnen.

De impact van het virus in Nederland is groot, maar ik kan mij voorstellen nog veel groter voor de landen waar jullie met Right To Play programma’s draaien?

Dat klopt, het zijn hele uitdagende omstandigheden. De impact op de zeven landen, waar Right To Play kantoren heeft gevestigd, is groot, omdat er nu veel minder mogelijkheden zijn om fondsen te werven die de programma’s mogelijk maken.

Waar we heel trots op zijn, is dat we ervoor hebben gezorgd dat alle programma’s kunnen blijven opereren. We zijn werkzaam in 15 landen in Afrika, Azië en het Midden-Oosten en ook hier zijn de scholen dichtgegaan en was het voor onze medewerkers en vrijwillige coaches daar niet mogelijk om op de bestaande manier het programma te draaien. Dus moesten ze aan de slag met de mogelijkheden die er wél waren. Zo zijn in Libanon onze speelmethodes geïntegreerd in het nationale tv-programma Puzzle TV waar kinderen leren mentaal en fysiek fit te blijven.

In Ghana, Mali en Oeganda geven onze coaches via de lokale radio kinderen voorlichting over het belang van handen wassen. En in Mozambique blijven kinderen spelend leren door middel van onze teleschool programma’s die we in samenwerking met de overheid hebben opgezet. Alles gaat gelukkig dus door, maar op een aangepaste manier.

Spelen is het allerbelangrijkste voor Right To Play, zie je dat ook terug in jullie eigen organisatie?

We werken nu allemaal thuis en alle dagen lijken op elkaar en we spreken natuurlijk veel minder mensen. Daarom is er op donderdag een ‘play-break’ in het leven geroepen. Het bekende koffieapparaat-praatje, maar dan op een speelse manier. Iedere week moet iemand anders iets organiseren. Zo hebben we al Hints gespeeld achter de computer, of een dansje moeten doen. Maar ook stimuleren we elkaar om buiten actief te zijn door bijvoorbeeld een wandeling te maken.

Vorige week werd dat zelfs een buiten bingo-wandeling. Heel leuk om te doen en zo zorgen we er met elkaar voor dat ook wij blijven spelen. Spelen is een heel effectief middel om een positieve impact te creëren in moeilijke tijden en helpt om mentaal en fysiek gezond te blijven.

Je gaf het al aan, je bent binnen Right To Play verantwoordelijk voor fondsenwerving en evenementen, wat maakt jouw werk zo leuk?

Buiten het feit dat met alles wat we doen het leven van heel veel kinderen kunnen verbeteren die opgroeien in armoede, of te maken hebben met uitbuiting en geweld, denk ik toch voor mij persoonlijk de link met sport bij de evenementen. Onze doelgroep is ook sportminded en we werken bijvoorbeeld ook met een groot aantal ambassadeurs uit de sport. Dat vind ik heel tof; Samen werken aan een betere wereld.



Hoe zetten jullie die ambassadeurs in om meer naamsbekendheid te krijgen?

Dat gebeurt op verschillende manieren. Zo zetten we ze in Nederland in bij campagnes, maar ook bij evenementen. Ze geloven net als ons in de kracht van sport en spelen voor kinderen. Dus ze kunnen het verhaal goed vertellen en daar veel mensen mee bereiken. Bij het Gala bijvoorbeeld zitten de ambassadeurs gewoon bij iedereen aan tafel, dat is echt heel leuk.

Ook zetten we ze in voor clinics en rondom campagnes gaan ze soms mee naar de programma’s in het buitenland om met eigen ogen te zien waar ze zich voor inzetten. Alles doen ze op vrijwillige basis, dat zorgt ervoor dat hun inzet authentiek is en echt uit hun hart komt.

Dat zal dit jaar ook wel anders zijn natuurlijk?


Ja, dat klopt, het is sowieso een heel ander jaar geworden natuurlijk. Het zou ons ‘Gouden’ jaar moeten zijn, want Right To Play bestaat dit jaar 20 jaar. Daaromheen en in combinatie met de Olympische Spelen hebben we de campagne ‘Spelen is Goud waard‘ gelanceerd. Onder andere Sari van Veenendaal vertelt daarin waarom spelen voor haar zo belangrijk is, waarmee ze de link maakt naar het belang van spelen voor kinderen die opgroeien in moeilijke omstandigheden.

Ook hebben we Sari voorgesteld aan Aissa, een alumni uit een van onze programma’s in Mail 12 jaar geleden. Tegenwoordig runt ze naast haar werk bij de VN haar eigen non-profit organisatie en gebruikt ze sport als middel om jonge kwetsbare vrouwen mentaal en fysiek sterker te maken. Het werd een heel mooi gesprek, waarin ze beide elkaar vragen konden stellen en het gesprek aangingen over hoe ze gezamenlijk nog meer impact kunnen maken.

Je gaf al aan dat sport een rode draad is in jouw leven, wat is tot nu toe je sportiefste hoogtepunt?

WK Triathlon 2017 in Rotterdam staat hoog op mijn lijst. Bijna 5.000 atleten van over de hele wereld namen deel. Van zwemmen in de Rijnhaven tot fietsen en lopen dwars door de stad en met de finish op Veerhaven. Een sporteventement van deze proportie geeft een bijzondere kick. Alles in het werk stellen dat sporters tot de laatste druppel alles kunnen geven. Dat maakt het een blijvende herinnering!

En als echte sportliefhebber wil je natuurlijk ook betrokken zijn bij de Olympische Spelen. Voor ATPI was ik onderdeel van de organisatie tijdens de Olympische- en Paralympische Spelen in Londen 2012. Dat ik in 2014 ook bij Winterspelen in Sochi kon werken was een toetje.

En op privégebied?

Als klein meisje voetbalde ik in Nederland, alleen toen was de sport nog niet zo bekend en groot als nu. Dus ik mocht wel meetrainen, maar geen wedstrijden spelen. Als student in Australië kwam ik weer in aanraking met vrouwenvoetbal dat daar heel populair is. Terug in Nederland heb ik bij de club waar ik vroeger trainde eindelijk het vrouwenvoetbal mede opgezet en ben ik weer gaan spelen. Totdat werk en een gezin ervoor zorgde dat twee keer trainen en een wedstrijd spelen er niet meer in zat.

Wat doe je dan nu om fit te blijven?

Toen ik merkte dat de combinatie met thuis en werk en op niveau blijven meevoetballen niet meer ging ben ik gaan nadenken over wat wel mogelijk was. Ik vind voetbal namelijk nog steeds superleuk en ik vind het heerlijk om op een veld actief bezig te zijn in de buitenlucht.

Daardoor ben ik eigenlijk op het idee gekomen van VoetbalFit. Een combinatie van bootcamp, fitness en voetbal, speciaal voor vrouwen. Op mijn huidige club in Gouda waren ze meteen enthousiast en zijn we een eerste groep gestart. Het was al meteen zo populair dat we een maand later een tweede groep konden starten en nu met bijna vijftig vrouwen zijn.

Fotocredit: Pim Waslander Fotografie

Hoe ziet zo’n training er dan uit?

We trainen één keer per week 75 minuten en starten met een goede warming up, doen kracht en conditie oefeningen, trainen op voetbal techniek en spelen afsluitend een partijtje voetbal. Elke training ziet er anders uit zodat het leuk en uitdagend blijft. Nu liggen de trainingen helaas even stil, maar zodra we weer mogen gaan we weer het veld op!

En wanneer kunnen wij allemaal zo’n les gaan volgen?

Ik ben naast mijn werk voor Right To Play bezig met een businessplan om te kijken naar de mogelijkheden om het verder in Nederland uit te rollen. Het is gericht op de werkende vrouw en als ik zie hoeveel animo er alleen al bij ons in Gouda is, geloof ik er sterk in dat het ook in de rest van Nederland potentie heeft. Mijn website www.voetbalfit.nu is inmiddels live dus neem een kijkje en meld je aan :). Ook zijn we aan het kijken naar de mogelijkheden om een ambassadeur te koppelen en als het nou echt groot wordt, dan worden we natuurlijk partner bij Right To Play!