Jaimy Vanenburg

Ze is advocaat op het gebied van (internationaal) sportrecht en arbeidsrecht en houdt zich dagelijks bezig met reglementaire aangelegenheden in de sport zoals doping, matchfixing en transferregels. Via haar Instagram account neemt ze haar volgers dagelijks mee in haar werkzaamheden. Hoogste tijd voor een gesprek met de ambitieuze Jaimy Vanenburg:

Sport is jou met de paplepel ingegoten, is dat ook de reden geweest dat je je wilde specialiseren in het (internationaal) sportrecht?

Klopt! Ik wilde van kinds af aan graag iets met sport doen, maar ik was zelf niet heel goed in het daadwerkelijk uitoefenen van de sport (anders dan puur recreatief) 😉 Van dichtbij heb ik gezien welke juridische vraagstukken opspelen binnen de sport en tijdens mijn rechtenstudie ben ik dan ook vrij snel geïnteresseerd geraakt in het sportrecht.

Sportrecht, vertel wat houdt dat precies in?  

Internationaal sportrecht is een heel breed begrip en eigenlijk een verzamelnaam voor allerlei rechtsgebieden die verband houden met de sportwereld. Zo spelen er bijvoorbeeld vraagstukken op het gebied van arbeidsrecht (transfers), intellectueel eigendomsrecht (portretrecht), letselschade, fiscaal recht (belastingverdragen met het buitenland spelen hierbij vaak een rol), ondernemingsrecht (sponsorcontracten) en insolventierecht (verenigingen in betalingsmoeilijkheden). Dit zijn een paar voorbeelden van de vragen die op die rechtsgebieden spelen, maar er zijn er nog veel meer!

Daarnaast heb je dan ook nog de reglementaire aangelegenheden, oftewel alles wat voortvloeit uit de reglementen van de sportbonden (denk aan de FIFA/UEFA/KNVB-reglementen bijvoorbeeld). Denk bij dit laatste aan bijvoorbeeld doping of matchfixing, transferregels en procedures bij de sportbonden zelf, of bij het Court of Arbitration for Sport, oftewel het hoogste arbitrage hof binnen de sport.

Welke studie heb je gevolgd?

Ik heb mijn bachelor Rechtsgeleerdheid behaald aan de Universiteit van Maastricht (2013). Vervolgens heb ik een master Privaatrecht behaald aan de Universiteit van Utrecht (2014) en heb ik een tweede master gedaan, International Sports law aan de Universiteit in Madrid (Instituto Superior de Derecho y Economía) (2015).

Ben je na je studies meteen bij Holla advocaten terecht gekomen?

Eerst heb ik een tijdje als jurist bij een advocatenkantoor gewerkt. Vanuit daar ben ik op zoek gegaan naar een advocatenkantoor dat met mij de uitdaging wilde aangaan om een praktijk (internationaal) sportrecht op te zetten. En dat was Holla Advocaten. Zij zagen het zitten en hebben mij de kans gegeven om deze afdeling op te zetten.

Op 17 februari 2017 ben ik beëdigd en sindsdien mag ik mij advocaat noemen. De eerste drie jaar ben je dan nog advocaat-stagiair, dat betekent dat je onder supervisie van een patroon staat én dat je de Beroepsopleiding Advocatuur moet afronden. Inmiddels heb ik de Beroepsopleiding Advocatuur afgerond en vanaf maart 2020 ben ik dan ook Advocaat-medewerker (oftewel: mijn advocaat-stage is dan voorbij).

Wie zijn jouw cliënten? Sporters zelf of met name clubs, bonden?

Van alles wat eigenlijk. Sporters, clubs, bonden, spelersmakelaars, maar ook bijvoorbeeld sponsoren. Advocaten hebben een beroepsgeheim, maar een van onze mooie samenwerkingen die we publiekelijk mogen delen is dat wij legal partner zijn van La Vuelta Holanda.

Mooi evenement om partner van te zijn :). Zonder namen te noemen, met wat voor cases heb je nog meer te maken?

Dit is heel divers. De ene keer gaat het om het opstellen van een transferovereenkomst tussen twee clubs, een sponsorcontract tussen een atleet en een kledingmerk, of een arbeidsovereenkomst tussen de speler en een club. De andere keer gaat het bijvoorbeeld om een onjuiste classificatie van een paralympische sporter en weer een andere keer gaat het om een geval van seksuele intimidatie in een coach-pupil-relatie, of om een dopinggeval of om match-fixing. Kortom: er is geen peil op te trekken 😉

En waar houd jij je het meest mee bezig?

Vooral met alle reglementaire aangelegenheden, dus alle regels die voortvloeien uit reglementen van (internationale) sportbonden. Ik heb ook collega’s met wie ik nauw samenwerk, die andere sportrechtelijke kwesties oppakken. Dat kan bijvoorbeeld een belastingvraagstuk zijn, een aanbestedingstraject, een aansprakelijkheidskwestie, maar het kan ook iets zijn met de intellectuele eigendomsrechten van een sporter.  

Vrouwen zijn wel echt in de minderheid binnen het sportrecht.

Waar moet je goed in zijn om jouw vak uit te kunnen oefenen?

Je moet stressbestendig zijn, onderhandelvaardigheden beheersen en een goede dosis gezond verstand hebben. Daarnaast denk ik dat het belangrijk is dat je Engels van voldoende niveau is en dat je zogezegd je mannetje kunt staan.

Het percentage vrouwen dat werkzaam is binnen de sport is nog altijd een stuk lager dan mannen, hoe zit dat binnen het sportrecht?

Dat is binnen het sportrecht niet anders, vrouwen zijn wel echt in de minderheid binnen het sportrecht. Dat zie je bijvoorbeeld alleen al terug in de lijst van de CAS- arbiters (de arbiters bij het Court of Arbitration for Sport).

Zie je dat juist als een voordeel of merk je dat het ook in je nadeel kan werken?

Tot nu toe heb ik er eigenlijk weinig hinder van ondervonden, maar maak ik er vooral gebruik van in mijn voordeel. Daarmee bedoel ik dat het bijvoorbeeld zo is dat mensen mij sneller onthouden, simpelweg omdat ik – als vrouw – opval. Naast de uiterlijke verschillen, denk ik dat er ook op inhoudelijk gebied en op het gebied van leiderschap behoefte is – net zoals in het ‘normale bedrijfsleven – aan vrouwen binnen de sport, waarbij ik wel denk dat, met name het leiderschap in sportorganisaties, dit niet iets is wat op zeer korte termijn ingrijpend zal veranderen. De groei van vrouwen in topfuncties binnen de sport, zal langzaamaan steeds beter worden: eigenlijk gewoon hoe het ook werkt in het ‘normale’ bedrijfsleven.

Je werkt zowel nationaal als internationaal, heb je daardoor ook te maken met (zakelijke)cultuur verschillen waar je rekening mee moet houden?

Dat merk je inderdaad wel, al moet ik zeggen dat ik tot nu toe alleen maar mensen tegenkom die respectvol met elkaar omgaan, waardoor je geen ‘last’ hebt van dergelijke cultuurverschillen. Wel merk ik natuurlijk dat dossiers anders worden behandeld in Zwitserland dan in Spanje of China, om een voorbeeld te noemen. In het ene land is het gebruikelijker om heel formeel met elkaar om te gaan, terwijl dat in een ander land weer veel informeler is. Ik probeer dat gewoon een beetje af te tasten en te kijken hoe ik mezelf kan ‘aanpassen’ binnen de verhouding, al blijf ik natuurlijk wel gewoon mezelf.

Het is een uitdaging om je cliënten mee te krijgen in jouw juridische overtuiging

Welke uitdaging zie jij nog binnen jouw vak?

Voor mij ligt nu de uitdaging op het gebied van het verder uitbouwen van mijn eigen praktijk en het opbouwen van een bestendige cliëntenkring. Wat ook een uitdaging is, is om je cliënten mee te krijgen in jouw juridische overtuiging: soms willen partijen iets wat juridisch gezien niet kan. Het is dan een kunst om je cliënten tevreden te houden, maar wel conform de geldende wet- en regelgeving. Vaak is het dan nodig dat je samen met jouw cliënt en de andere betrokken partijen het plan bijschaaft en wijzigt waar nodig, zodat het juridisch gezien wél kan.

View this post on Instagram

De maandag staat weer voor de deur en ik heb me een partijtje energie💥. Eerlijk gezegd heb ik een behoorlijk chaotische week voor de boeg. Wat mijn planning is? Komt ‘ie: Ma: overdag ‘gewoon’ werken en ‘s avonds naar het evenement van @24uurinbedrijf waar @celinecharlotte en @steinbuch de sprekers zijn😍. Di: overdag ‘gewoon’ werken (ik mag onder andere een klus doen voor @lavueltaholanda, waarvan Holla Advocaten @werkenbijholla Legal partner is). ‘s Avonds ga ik de online Q&A volgen van de cursus over stories maken van @celinecharlotte (jep, vrij veel Celine Charlotte in één week😝😘). Wo: vlieg ik naar Genève en reis ik daarna met de trein naar Lausanne. In de avond heb ik een diner met het arbiterspanel van het CAS (Court of Arbitration for Sport) waarvoor ik ad hoc clerk ben in die zaak. Tijdens dit diner bereiden we ook de zitting voor. Ter info voor iedereen die denkt ‘waar héb je het over’: het CAS noem ik altijd ‘de Hoge Raad binnen het sportrecht’ en de arbiters zijn eigenlijk ‘de rechters’. Als ad hoc clerk ondersteun je de arbiters en schrijf je onder andere de uitspraak. Do: de zitting bij het CAS bijwonen. Dit duurt naar verwachting de hele dag en ‘s avonds vlieg ik terug naar Amsterdam. Vr: werken (lees: de schade proberen te beperken🤣) en in de avond heb ik een etentje. En weet je. IK HEB ER ZIN IN🔥. Ik kan er niks aan doen, maar ik word gewoon blij als ik naar deze week kijk. Waarom? Omdat ik gewoon fucking trots ben dat ik deze sportrechtzaak mag doen (ik werk hier keihard voor, en dat het dan uiteindelijk lukt is zó zó vet💃🏻). En omdat ik het zo leuk vind dat ik jullie mee mag nemen via Insta🥰. En nu gaat deze overenthousiaste werknemer (even serieus: hoezo bestond de #ambitieuzewerknemers nog niet?!) genieten van haar vrije zondagavond. LET’S DO THIS💪🏻

A post shared by Jaimy Vanenburg (@jaimyvanenburg) on

Is er een bepaalde case binnen de sport waar je graag aan had willen werken?

Ik had graag aan de Caster Semenya-case willen werken. Zij dient medicatie te slikken omdat haar testosteronwaarden te hoog zijn (heel kort samengevat). Ik vind het dossier heel fascinerend, vooral vanwege de verschillende uitgangspunten van de partijen en de belangen die erbij komen kijken. Maar vanuit een juridisch oogpunt is het ook een heel interessante kwestie en allesbehalve eenvoudig: dat blijkt ook wel uit de hoeveelheid procedures die over deze kwestie zijn gevoerd.

Het nieuwe jaar staat bijna voor de deur, heb je nog doelen / dromen voor 2020?

Zeker! Op dit moment ben ik druk bezig met het maken van plannen voor 2020. Zo word ik in maart 2020 advocaat-medewerker (ik heb mijn periode als advocaat-stagiair dan afgerond) en krijg ik vanaf dat moment meer ruimte binnen Holla Advocaten om mijn praktijk (internationaal) sportrecht verder uit te bouwen.

Vóór maart 2020 moet er dan ook een plan liggen waarmee ik aan de slag ga, dus daar ben ik as we speak mee bezig. Mijn droom is dan ook dat ik in het jaar 2020 goede stappen maak in het uitbouwen van een dergelijke praktijk, dat ik meer zaken als ad hoc clerk mag doen bij het CAS (Court of Arbitration for Sport) en dat ik veel leuke, nieuwe mensen mag ontmoeten binnen het sportrecht.


De favorieten van Jaimy

Club/team: Om géén van mijn (potentiële) cliënten te beledigen, kan ik hier geen uitspraken over doen 😉
Sport om zelf te doen: Tennis
Sport om naar te kijken: Voetbal
Held: Roger Federer
Film/serie: Op dit moment Casa de Papel, omdat ik zo ook mijn Spaans nog een beetje kan bijhouden!
Sportmerk: Nike