KNGU legt genderdiversiteitsnorm vast

De afgelopen jaren heeft de Koninklijke Nederlandse Gymnastiek Unie (KNGU) actief en met succes ingezet op een evenwichtige vertegenwoordiging van mannen en vrouwen in de directie, het bestuur en de Bondsraad. Om deze inzet voor de toekomst te bestendigen, heeft de Bondsraad besloten een genderdiversiteitsnorm voor het Bondsbestuur reglementair vast te leggen, waarbij het bestuur minimaal uit 30% mannen en 30% vrouwen bestaat. Hiermee toont de gymnastiekunie aan dat een inclusieve samenleving ook thuishoort in de sportwereld.

Uit recent onderzoek van het Mulier Instituut blijkt dat het aandeel vrouwen en mannen in de georganiseerde sport verre van evenwichtig is. Zo heeft in 2018 8% van de sportbonden een vrouwelijke voorzitter, 15% een vrouwelijke directeur en is 19% van de bestuursleden vrouw. Zo’n 20% van de sportbonden voldoet aan de minimale norm van 30%. Hiermee lopen we in Europa ver achter in de georganiseerde sport. KNGU-directeur Marieke van der Plas is daarom verheugd over deze voorwaartse beweging binnen haar organisatie. Ze is groot voorstander van een diversiteitsbeleid binnen de sportwereld zodat de sport relevant en aantrekkelijk blijft. 

“In alle geledingen van de sport zien wij de maatschappelijke waarde van diversiteit. Zowel nationaal als internationaal. Diversiteit gaat uiteraard over meer dan gender, dit is een mooie eerste stap. Diversiteit trekt immers diversiteit aan. Bij de selectie van alle functies binnen de KNGU streven we naar diversiteit in geslacht, seksuele voorkeur, religie, huidskleur, nationaliteit, culturele achtergrond, leeftijd en gezondheid. Onze deelname aan de Canal Parade dit jaar is hier een mooi voorbeeld van.”

Vooruitlopend op de doorontwikkeling van de Code Goed Sportbestuur voert de KNGU in haar statuten door, dat het bestuur van de KNGU minimaal uit 30% mannen en minimaal uit 30% vrouwen bestaat. “De KNGU zet zich daarnaast in 2020 specifiek in op het positioneren van vrouwelijke bestuurders en commissieleden binnen de internationale koepels FIG en UEG. Onder andere door de ondersteuning en voordracht van mensen uit onze achterban. In ons eigen land betekent het ook meer diversiteit in de trainersploeg aan de top, aandacht voor LHBTI binnen de gymsport en de clubs en het meedoen aan verschillende initiatieven op het gebied van aangepast sporten.”

Lees hier verder