‘Footgolf, is dat echt een sport ja?’

Fotocredit: Daniela Cruz Vargas

Tien jaar oud is deze sport. Zes jaar geleden ben ik begonnen. Zoals iedere scholier van mijn generatie besteedde ik een aantal van mijn vrije uren aan het scrollen door mijn Facebook tijdlijn. Het ene leuke filmpje na het andere kwam voorbij: een kat die van het kastje het bed niet haalt, David Beckham die een bal van aardig wat meters in een prullenbak schiet en natuurlijk de laatste nieuwtjes van de Eredivisie. In die tijd viel mijn oog op een berichtje over het Nederlands Kampioenschap footgolf voor vrouwen.

Gedreven als ik was om professioneel sporter te worden, in welke sport dan ook, trok dit mijn interesse en heb ik mij met een teamgenootje ingeschreven. Toen ik een jaar later op dit toernooi kwam, zag ik hoe geweldig de beleving bij de beoefenaars van deze sport was. Ik zag mensen genieten van elkaars spel, klappen voor een putt die ervoor zorgde dat zij een punt achter kwamen te staan, simpelweg het genot van een gezamenlijke passie. 

Ik ging steeds meer spelen, hoorde andere spelers over internationale tripjes en zo ging ook ik regelmatig naar het buitenland. Zo leerde ik steeds meer mensen kennen, steeds meer Nederlanders die de sport beoefenen, maar ook veel buitenlanders die je telkens weer tegenkwam op de internationale toernooien. De community is klein, hij groeit, maar hij is klein. Ik bouwde vriendschappen op met footgolfers uit Engeland, Duitsland, Argentinië, Amerika en ga zo maar door, onze werelden lagen (niet alleen geografisch) mijlenver uit elkaar, maar wij deelden de passie voor deze jonge sport. Niet alleen deze vriendschappen zorgden ervoor dat ik steeds meer wilde spelen, maar ook de mentale uitdaging.

Fotocredit: Lucinda Steed

Bij footgolf sta je vaak 3 uur op de baan en in die 3 uur speel je 18 holes, vaak zo’n 80 schoten, wat inhoudt dat je per schot gemiddeld 135 seconden hebt om na te denken over je volgende schot. Honderdvijfendertig seconden om te bedenken waar je je volgende bal neer wilt leggen, waar de grootste gevaren liggen en welk risico je wilt nemen met dat schot, die dag. Helaas zijn deze honderdvijfendertig seconden ook de seconden waar je na begint te denken over waar je je schot vooral niet wilt plaatsen, welke fouten je kunt maken en waar je voor op moet passen en juist dit is waar voor mij (en vele anderen) veel te leren valt. 

Nederlands kampioen
2017: Mijn eerste titel: Nederlands Kampioen footgolf voor vrouwen. 2018. Het jaar van het eerste WK footgolf voor vrouwen en het jaar dat ik mijn eerste echte footgolf doel stelde: kwalificeren voor het WK. Naast deze WK kwalificatierondes in Nederland wilde ik erg graag mijn buitenlandse vrienden weer zien en ik besloot zo veel mogelijk Majors te spelen (de 6 grootste toernooien van 2018) en zo reisde ik af naar Los Angeles om mijn eerste toernooi buiten Europa te spelen. Hier wist ik (mede door mijn inmiddels opgebouwde mentale kracht) een tweede plek te bemachtigen. Toen ik thuis kwam was daar ook een bijgewerkte wereldranglijst waar ik bovenaan stond. Nummer 1 op de wereldranglijst. Ik wist dat ik een aantal punten had gesprokkeld op Nederlandse toernooitjes en de enige Europese was die naar Amerika was gevlogen. Ook al wist ik dat ik niet op nummer 1 zou blijven staan, ik genoot ervan, het deed vreselijk veel met mijn zelfvertrouwen en ik begon er steeds meer in te geloven dat ik niet alleen dat gezellige meisje was die altijd lachend op de baan stond, ik was een speler waar vrouwen rekening mee hielden als ze een toernooi begonnen. 

Fotocredit: Daniela Cruz Vargas

Topsporter?
Ook wist ik dat ik fysiek niet sterk genoeg was om mijzelf topsporter te durven noemen. Ik at slecht (studentenleven) en trainde zeker niet wekelijks voor footgolf. Dit was mijn ambitie, maar ik stond er ver vanaf. Om de toernooien te betalen werkte ik bijna al mijn vrije avonden in het magazijn en de energie om na mijn dienst tot nachtelijke uurtjes ook nog te trainen kon ik helaas niet opbrengen. Ik ging het WK in als een van de favorieten (nummer 2 op de wereldranglijst) en eindigde op de 17e plaats. Dit was teleurstellend en tegelijkertijd een wijze les. 

Inmiddels heb ik mijn Nederlandse titel kunnen prolongeren en sta ik dit jaar op nummer 5 op de wereldranglijst. Vooral dat laatste is erg gunstig, aangezien de top 10 zich kwalificeert voor het WK 2020 en het toch wel erg fijn zou zijn om mij vanaf december niet meer druk te hoeven maken over eventuele kwalificatie trajecten en ik mij kan focussen op mijn school/stage. 

De knop is om gegaan. Ik ben beter gaan eten en gestopt met mijn wekelijkse magazijn werk, om zo wat rust te creëren en zo sterk mogelijk naar het WK af te reizen. Waar het vorig jaar mijn doel was mij te kwalificeren, wil ik komend jaar laten zien dat ik, naast dat gezellige meisje op de baan, een stuk meer in mijn mars heb én voor de titel wil gaan.