Cruyff Foundation Junior Camp

In 2014 mochten wij op Tenniscentrum Nieuwe Sloot de World Team Cup organiseren, het WK rolstoeltennis voor landenteams. Zo’n 180 deelnemers uit 30 verschillende landen kwamen een week bij ons op het park strijden om de wereldtitel. Tijdens dit evenement hebben we, logischerwijs, actief contact gehad met de Internationale Tennis Federatie (ITF). Nu enkele jaren later rinkelt ineens de telefoon en hangt onze contactpersoon van de ITF aan de lijn. De spanning stijgt direct, ik voel kriebels in mijn buik en ik zit direct op het puntje van mijn stoel. Waarom belt deze dame ons ineens op?


Ruim acht jaar is Ingeborg Houdijk, uitgegroeid tot alleskunner, werkzaam bij Tennis- en squashcentrum Nieuwe Sloot in Alphen aan den Rijn. Van PR en marketing, tot het ondersteunen van de administratie, het leveren van input voor beleidsplannen en het aansturen van de receptie. Het komt allemaal voorbij op een random werkdag. Het allerleukste binnen haar werkzaamheden? Evenementen organiseren! De World Team Cup en het Cruyff Foundation Junior Camp zijn voor Ingeborg de absolute hoogtepunten van de afgelopen jaren. 


“Willen jullie dit jaar iets betekenen voor de rolstoeltennis jeugd van de toekomst?” Nog voor de dame van de ITF uitgesproken is, komt er van onze kant natuurlijk al een positief geluid. Als tenniscentrum hebben we het rolstoeltennis hoog op ons vizier. Sinds de World Team Cup hebben we ons hart verpand aan deze sport en doen we er alles aan om zoveel mogelijk rollers een kans te geven kennis te maken met tennis. Inmiddels speelt Diede de Groot, de huidige nummer één op de wereldranglijst, alweer vier jaar op ons centrum. Daarnaast hebben we zeventien rollers wekelijks over de vloer en trainen twee jeugdleden mee in het bondsprogramma. Natuurlijk zijn we trots op de topsporters binnen onze club, maar uiteindelijk gaat het ons erom dat zoveel mogelijk mensen plezier beleven aan hun sport. De vraag van de ITF sluit hier dan ook perfect bij aan dus zeiden we volmondig ja!

© Orange Pictures

Talenten van de toekomst
Zondag 21 juli was het dan eindelijk zover. Ik mocht, als toernooidirecteur, eenentwintig kinderen, begeleid door nog eens tien coaches en elf ouders van Schiphol halen. De gehele delegatie komt van heinde en verre voor het ‘Cruyff Foundation Junior Camp’, een rolstoeltennis trainingskamp voor kinderen die al bij hun tennisbond in hun eigen land spelen. De talenten van de toekomst dus. Naast dat de spelers van andere coaches kunnen leren, kunnen ook de coaches van elkaar leren. Het moment van de waarheid is aangebroken, want de vraag is “Wie tref ik aan op het vliegveld? Wat verwachten deze mensen in Alphen aan den Rijn aan te treffen? Gaan de deelnemers hun doelen bereiken? Zit hier een toekomstige Esther Vergeer tussen? Of zien we de komende dagen een toekomstige tegenstander van Diede de Groot”?.

Er volgde een druk programma met in de ochtend trainingssessies, in de middag wedstrijden spelen voor punten voor de wereldranglijst en ’s avonds was er entertainment. Vier dagen lang trainden de kinderen op de banen van Nieuwe Sloot, vaak niet eens onder leiding van hun eigen coach, maar onder begeleiding van een coach uit een ander land.  Tennistechnieken werden bijgeschaafd, tactieken werden besproken en er werden spannende partijen gespeeld. Het was een week lang één groot leerproces. En niet geheel onbelangrijk; er werden nieuwe vriendschappen gesloten.


De Johan Cruyff Foundation, naamdrager van dit evenement, steunt en ontwikkelt sportactiviteiten voor kinderen, overal ter wereld. Zij focussen zich daarbij op kwetsbare kinderen. Met sportprojecten voor kinderen met een beperking geven ze deze kinderen de ruimte. Ruimte waar zij zich kunnen ontwikkelen, ruimte om vrienden te maken én ruimte waar zij hun fysieke en mentale gezondheid kunnen verbeteren. Ik kan wel zeggen dat alle doelen deze week zijn behaald. De kinderen hadden de tijd van hun leven en dat is waar het uiteindelijk allemaal om gaat en is dus ook mijn doel als organisator behaald. 


De deelnemers kwamen uit tien verschillende landen, maar er zijn ontelbaar veel verschillen tussen deze kinderen te benoemen. Japan reist met een delegatie talentvolle spelers binnen Europa van toernooi naar toernooi. Naast een coach reist er een fysiotherapeute met het team mee. De kwaliteit en professionaliteit van zo’n team is indrukwekkend om te zien. Het was duidelijk dat deze jongens vele uren per week trainen. Het was dan ook niet verrassend dat een Japanner met de gouden plak weer doorreist naar een volgend toernooi.

 Foto: Bert Heemskerk

Daar tegenover kwam ook Litouwen richting Alphen aan den Rijn met twee meiden. Meiden die nog maar een jaar tennissen, niet verder komen dan één uur per week trainen, de rolstoelen wat gammel en de trainer nog wat onervaren. Het land is een zogenaamd rolstoeltennisontwikkelingsland. Groter kon het verschil met Japan niet zijn. Maar heeft dit land deze week even veel doelen bereikt als Japan? Ik denk het wel, en misschien zelfs nog wel meer. Natuurlijk hopen we ook op deze manier weer bij te dragen om rolstoeltennis op de kaart te zetten. De sport wordt mede door trainingsprogramma’s als deze naar een hoger niveau gebracht. Dit evenement is misschien een druppel op een gloeiende plaat, maar het is in ieder geval een druppel.

Parijs, here they come
Over een jaar gaat de Paralympische delegatie in Tokyo wederom hun stinkende best doen om er alles uit te halen wat erin zit. Helaas is er in de media nog weinig aandacht voor deze spannende strijd en de mooie overwinningen tijdens deze periode, maar als je het mij vraagt zijn ook deze sporten genieten geblazen. Hopelijk komt daar in de toekomst verandering in. De deelnemers van deze editie van het Cruyff Camp zijn nu nog te jong om straks te schitteren in Tokyo, maar Parijs ‘here they come’. En mochten deze jeugdige sporters nooit de Spelen halen, ze zijn maar mooi wel even op trainingskamp in Alphen aan den Rijn geweest.

Foto: Bert Heemskerk

Van vervoer, tot hotel, tot stoelreparatie, goed bespeelbare banen, naar afspraken met huisartsen en fysio (gelukkig bestaat er google translate!) en niet te vergeten het regelen van kleine details als douchekrukken en een herinnering om mee naar huis te nemen. Het organiseren van een evenement blijft een mooi vak. Kinderen moeten zich thuis voelen, veilig voelen en het allerbelangrijkste: het enorm naar hun zin hebben. En het hoeft niet altijd allemaal heel complex te zijn. Geloof me, je hebt een topavond als je een Kroaat laat sjoelen, een Rus ziet koekhappen, en je beerpong zonder drank speelt. Of neem eens met een groep rollers een bowlingbaan over! En bingo doet het natuurlijk ook altijd goed. Je maakt wat mee tijdens zo’n week.

Als het aan mij ligt doe ik niets anders dan het organiseren van evenementen. En als er dan een mogelijkheid als het Cruyff Foundation Junior Camp voorbijkomt, dan duik ik daar natuurlijk direct op. Stiekem zit ik alweer bij de telefoon klaar, wachtende op een telefoontje van de ITF :).