Esmee Visser

16 februari 2018, de dag dat schaatster Esmee Visser olympisch goud won op de 5000m. Ineens stond ze volop in de aandacht en wilde iedereen iets van haar. Hoe is het nu met de 23-jarige schaatster, ruim een jaar na die bijzondere dag in Pyeongchang? We spreken haar over die periode, de switch naar TalentNED, samenwerken met Ireen Wüst en haar extreme perfectionisme.

Hoe kijk je terug op afgelopen seizoen?
Ik kijk tevreden terug op afgelopen seizoen. Het was voor mij compleet nieuw om veel te reizen en in een professionele ploeg te trainen. Ik moest met name wennen aan het vele reizen, de vele wedstrijden op hoog niveau en de aandacht voor mij als olympisch kampioen. Gaandeweg het seizoen kreeg ik steeds hogere verwachtingen van mijzelf en ging ik de lat onbewust hoger leggen dan ik deed voordat het seizoen begon. Ik was kritisch en was met minder niet meer zo tevreden. Maar als ik terugkijk ben en moet ik echt tevreden zijn want ik heb echt wel goede resultaten neergezet, mijn olympisch niveau doorgetrokken en laten zien geen eendagsvlieg te zijn.

Iedereen wil na het succes, nu nog steeds, wel iets van je en daar moet ik nog wel aan wennen.

Je geeft zelf al aan dat de aandacht door je olympische prestaties enorm toe is genomen. Want ineens was daar goud op de Spelen in 2018 en werd je wereldberoemd. Hoe kijk je zelf terug op die periode
Wereldberoemd valt wel mee, de eerste maanden was het echt heel erg wennen en werd ik veel aangesproken en geleefd. Maar ik ben daar steeds meer aan gewend geraakt en kan daar inmiddels wel mee omgaan. Alles valt weer op zijn plek en ik kan me focussen op mijn studie en het schaatsen. Iedereen wil na het succes, nu nog steeds, wel iets van je en daar moet ik nog wel aan wennen. Ik vind het moeilijk om nee te zeggen, gelukkig helpt mijn manager mij om de juiste prioriteiten te bepalen. Maar om terug te komen op je vraag, uiteraard kijk ik vooral heel blij terug op de afgelopen 2 jaar.

Kun je nog wel gewoon over straat nu iedereen iets van je wil?
Ik vind mijzelf nog steeds ‘gewoon’ dus in dat opzicht kan ik nog gewoon over straat, maar ik moet zeggen, ik word wel erg veel herkend en aangesproken en dat went niet. Wanneer dat gebeurt, denk ik nog wel elke keer; ”ohja, dat is ook zo”. Maar nu de echte chaos voorbij is kan ik wel weer normaal over straat.

Inmiddels draai je zo’n twee jaar mee in de professionele schaatswereld? Is het wat je ervan had verwacht?
Schaatsen en het trainen vind ik het leukste wat er is. Met deze passie, plezier, doorzettingsvermogen en perfectionisme heb ik de olympische titel weten te behalen. Tot die tijd bevond ik mij nog niet echt in de schaatswereld, ik viel net in de tak daaronder met talenten. Qua faciliteiten en andere dingen zit er nog best wel een gat tussen deze niveaus waardoor ik voor mijn gevoel ook pas net in de schaatswereld kom kijken. Ik kan nu zeggen dat ik wel iets andere verwachtingen had. Het valt niet tegen of mee, het is gewoon anders. Ik dacht altijd dat er nog meer en harder getraind zou worden, maar dat is niet zo. Het is efficiënter, meer aandacht voor detail, meer wetenschappelijk onderbouwd en op onderzoek gericht en grotere observatie en controle van het lichaam. Er is ook wel meer concurrentiestrijd voelbaar dan ik verwacht had. Waar ik had verwacht dat er naast de wedstrijden om wel echt goede en hechte vriendschappen voor het leven konden ontstaan, blijkt dit vaak toch minder waar en voor kortere duur. Maar er zijn ook een aantal gevallen waar het wel heel hecht is hoor, dus het ligt denk ik ook echt aan de desbetreffende personen. 

Sinds juli 2018 ben je onderdeel van TalentNED, heb je daar je draai al kunnen vinden?
TalentNED is mijn eerste deelname aan een commercieel team en het bevalt me heel goed. Ik heb het goed naar mijn zin, het trainen gaat goed en ik voel me wel op mijn plaats. De eerste maanden was het wel aftasten maar nu weet ik ongeveer waar ik aan toe ben, hoe ieder zijn persoonlijkheid is en hoe de rollen binnen de ploeg en in de schaatswereld verdeeld zijn. Ik sta nog vaak voor nieuwe ervaringen en leermomenten en dat vind ik alleen maar heel leuk en interessant.

Bij TalentNED train je samen met Ireen Wüst, je krijgt waarschijnlijk vaak de vraag wat Ireen jou kan leren, maar laten we het eens andersom vragen; wat kun jij Ireen leren?
Hahaha die vraag krijg ik inderdaad wel vaak. Ik ben natuurlijk een stuk jonger dan Ireen waardoor zij nu van mij nog de speelse en meer jeugdige kant van met dingen omgaan ziet en hoe ik dingen anders interpreteer. Doordat ik nog vrij weinig heb meegemaakt en ik haar ook wel vragen stel en niets vanzelfsprekend vind, ziet zij voor een aantal dingen misschien iets meer waardering nu. Ik kan haar denk ik ook wel een beetje uit het denken en praten trekken waar ze zich normaal gesproken mee bezighoudt. 

Als ik mijn gouden race op technisch vlak terugkijk, heb ik wel wat op- en aanmerkingen.

Je geeft het zelf al aan; je bent perfectionistisch. Ben je dan wel echt ooit tevreden? Of heb je zelfs op je gouden olympische rit nog wat op te merken?
Haha, dat is inderdaad helemaal waar! Dat perfectionisme heeft mij heel ver gebracht maar soms slaat het ook wat ver door en kan het mij tegenwerken. Vroeger was ik nooit tevreden maar sinds een aantal jaar heb ik dat wel meer los kunnen laten. Vooral omdat je merkt dat je er dan veel meer plezier van krijgt en het je minder energie kost. Ik heb altijd nog wel op iedere race technische verbeterpunten maar dat is ook nodig om te blijven verbeteren en hogere doelen te blijven stellen en nog snellere tijden neer te zetten. Kijk, op de Olympische Spelen gaat het bij de meeste niet om de tijd die ze neerzetten maar het resultaat qua klassering. Als je op de eerste plaats eindigde, kun je niet hoger dus moet je eigenlijk wel tevreden zijn. Als ik mijn gouden race op technisch vlak terugkijk, heb ik wel wat op- en aanmerkingen, maar ik ben vooral super tevreden en trots.

Over perfectionisme gesproken, je combineert je studie farmaceutische wetenschappen met je topsportcarrière, gaat dat wel samen of haal je daar juist ook ontspanning uit?
Het combineren van topsport met een studie kost veel energie, maar ik haal er juist ook energie uit. Naast mijn studie vind ik broodbakken en koken leuk om te doen. Ik ben bezig met een boek waarin ik iets meer over mijzelf wil vertellen aan de hand van bak-, brood-, lunch- ervaringen en recepten. Ik kan niet goed stilzitten en verzin altijd wel iets om te kunnen of moeten doen. Veel vind ik ook interessant en ik sta open voor het ontdekken van nieuwe dingen en met mensen gesprekken aangaan. 

Als we 10 jaar vooruitkijken, hoeveel olympische medailles hoop je dan op zak te hebben?
Over 10 jaar… eh poeh, dat is nog wel erg ver weg zeg. Ik kijk liever naar een iets kortere periode. Als ik over 10 jaar met nog net zo veel plezier in de rondte schaats, dan zie ik mijzelf wel nog profschaatster zijn, maar dat is niet te voorspellen. Ik ga het gewoon jaar voor jaar bekijken. Daarbij vind ik wereldkampioenschappen eigenlijk bijna net zo mooi en belangrijk als de Olympische Spelen dus op die wedstrijden wil ik ook nog mooie resultaten neerzetten.

Over 10 jaar hoop ik in het bezit te zijn van nog een olympische plak en stiekem misschien wel van twee.


Voor het behalen van mijn doelen wil ik graag niet te veel afhankelijk zijn van wat anderen doen en dus vooral naar mijzelf kijken en mijzelf verbeteren. Als een concurrente een nog grotere stap maakt, maar ik ook gewoon progressie laat zien, moet ik eigenlijk niet balen denk ik nu. Natuurlijk wil ik de beste zijn, maar ik heb geen grip op anderen dus ik ga zelf alles geven en alles uit mezelf proberen te halen. Ik denk dat dat nog heel veel is en dat ik echt nog grote stappen kan gaan maken daarom heb ik ook wel echt klasseringsdoelen. Zo hoop ik wel over 10 jaar in het bezit te zijn van nog een olympische plak en stiekem misschien wel van twee; dan ook op de 3km. Daarnaast dwarrelen wereldrecords ook wel door mijn hoofd dus die uitdaging ga ik de komende jaren zeker ook niet uit de weg. Na mijn schaatscarrière wil ik aan het werk in het laboratorium van de farmaceutische wetenschappen, dus wellicht ben ik over 10 jaar wel al dagelijks in een labjas te vinden, wie weet….